Son en Breugel herziet beleid Huishoudelijke Hulp

Dit artikel is gearchiveerd op 31-12-2016.

Son en Breugel gaat, naar aanleiding van een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep (CRvB) haar beleid over huishoudelijke hulp aanpassen. De CRvB stelt in zijn uitspraak in drie zaken, die in andere gemeenten waren aangespannen, dat huishoudelijk hulp onder de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 valt. Het college wil snel en adequaat duidelijkheid scheppen voor de inwoners die te maken hebben met de gevolgen van deze uitspraak. De gemeente streeft er naar om met ingang van 1 januari 2017 gewijzigd beleid in te laten gaan. Tot die tijd worden tijdelijke maatregelen getroffen.

Consequenties uitspraak

Als gevolg van de uitspraak van de CRvB mag de gemeente inwoners niet verwijzen naar een marktvoorziening: huishoudelijke hulp is een voorziening die onder de Wmo 2015 valt. Daarnaast moet de gemeente duidelijker omschrijven wat verstaan wordt onder “een schoon en leefbaar huis”.

Het college wil zo snel mogelijk het beleid aanpassen, zodat het in overeenstemming is met de uitspraken van de CRvB. Het nieuwe beleid zal zoveel als mogelijk aansluiten bij de uitgangspunten van het huidige beleid, dat wil zeggen inwoners zijn zelf verantwoordelijk en voeren zelf regie.

Nieuwe voorzieningen

Het college stelt voor huishoudelijke hulp als maatwerkvoorziening aan te bieden. Op basis van een uitgebreid individueel onderzoek (keukentafelgesprek) kan dan een voorziening ingezet worden die past bij de ondersteuningsbehoefte van de cliënt. De inning van de eventuele eigen bijdrage loopt via het CAK. De eerder ingevoerde voorziening “Financieel Maatwerk” komt dan te vervallen.

Daarnaast stelt het college voor om voor wassen en strijken een algemene voorziening in te richten. Een algemene voorziening is een min of meer standaardvoorziening, die eenzelfde vorm van ondersteuning biedt voor alle cliënten. Bij voorkeur zou het college deze voorziening met behulp van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt willen inrichten. In hoeverre dit mogelijk is wordt nog onderzocht.

Aanpassing bestaande voorzieningen

De uitspraak van de CRvB heeft ook gevolgen voor de bestaande maatwerkvoorziening “Ondersteuning bij Huishouden” (OBH en OBH+) voor cliënten die zelf niet de regie kunnen voeren over hun eigen huishouden. Bij het toekennen van deze voorziening moeten doelen en resultaten helder omschreven worden.

Adviesraad Wmo

De gemeente heeft in het voortraject de adviesraad Wmo om advies gevraagd. De adviesraad heeft een advies uitgebracht. Het advies is betrokken in het voorstel dat het college voorlegt aan de commissie Burgerzaken. In het vervolgtraject zal de Wmo-raad ook in de gelegenheid gesteld worden advies uit te brengen.

Consequenties voor cliënten

De gemeente zal op korte termijn actief en persoonlijk bestaande cliënten en inwoners die voorheen cliënt waren informeren over de consequenties.

De cliënten (176) die nu een financiële tegemoetkoming krijgen voor de kosten die zij maken voor het inhuren van huishoudelijke hulp (Financieel Maatwerk) blijven deze tegemoetkoming ontvangen tot het moment dat het nieuwe beleid definitief is vastgesteld.

Voormalige cliënten (+/- 150) die nu zelf hun huishoudelijke hulp inkopen en geen financiële tegemoetkoming ontvangen kunnen opnieuw een aanvraag doen voor huishoudelijke hulp per 1 januari 2017. Voor zo ver mogelijk zal de gemeente deze groep persoonlijk informeren. Nieuwe cliënten kunnen in afwachting van de invoering van het gewijzigde beleid een Pgb aanvragen van € 15,- voor de inkoop van hulp bij de huishouding.

Bespreking in commissie en vervolg

Het college heeft een plan van aanpak opgesteld dat zij opiniërend met de commissie burgerzaken wil bespreken. Op basis van de reactie van de commissie wordt het plan verder uitgewerkt in beleid en concrete acties. De gemeente zal in ieder geval huishoudelijke hulp gaan inkopen. Daarvoor dient een aanbesteding plaats te vinden.